Wat is arrogantie? Over uitstraling, autonomie en het misverstand van afstand

Wat is arrogantie? Die vraag lijkt simpel, maar het antwoord is minder duidelijk dan het op het eerste gezicht lijkt. Veel mensen hebben een hekel aan arrogantie. Het geldt vaak als een van de meest irritante eigenschappen die iemand kan hebben. Toch is het interessant om daar eens wat langer bij stil te staan. Want wanneer noemen we iemand eigenlijk arrogant? En gaat het dan echt om arrogantie, of soms om iets anders dat zo wordt geïnterpreteerd?
Vaak denken we bij arrogantie aan iemand die zich boven anderen plaatst. Iemand die uitstraalt: ik ben beter, slimmer, belangrijker, of ik heb jou niet nodig. Maar in de praktijk is het vaak ingewikkelder. Wat als iemand vooral gesloten overkomt? Wat als iemand weinig behoefte voelt om zich aan te passen aan de groep? Wat als iemand trots is op zichzelf, zelfstandig is, of zich niet klein maakt om anderen gerust te stellen? Dan komen we op een interessant punt. Arrogantie zit namelijk niet alleen in degene die zo genoemd wordt. Het zit ook in wat er gebeurt tussen mensen.
Arrogantie als gevoel in de ontmoeting
Mensen noemen een ander vaak arrogant op het moment dat er iets wringt in het contact. Ze voelen geen gelijkwaardige verbinding. Ze hebben het idee dat de ander geen moeite doet, geen echte interesse toont, of een beetje op hen neerkijkt. Dat hoeft niet eens letterlijk zo te zijn. Het gaat erom hoe het overkomt. Dat maakt arrogantie voor een deel relationeel. Het is geen eigenschap die je altijd objectief kunt aanwijzen, alsof die los van de context bestaat. Vaak is het een interpretatie van een sfeer. De ander voelt afstandelijk, hoog, gesloten of onbereikbaar, en dat roept iets op. Misschien een gevoel van afwijzing. Misschien onzekerheid. Misschien irritatie. Misschien zelfs schaamte.
In de sociale psychologie zien we al lang dat mensen elkaar vaak beoordelen langs twee belangrijke lijnen: warmte en competentie. Wie sterk, slim, succesvol of zelfverzekerd overkomt, maar niet warm genoeg, wordt sneller als kil, afstandelijk of arrogant gezien. Met andere woorden: veel competentie zonder zichtbare toenadering kan sociaal verkeerd vallen. (PMC)
Soms is arrogantie gewoon een misinterpretatie
Niet iedereen die arrogant genoemd wordt, voelt zich ook werkelijk verheven boven anderen. Sommige mensen hebben een serieuze of gesloten gezichtsuitdrukking. Anderen zijn naar binnen gericht, verlegen, vermoeid, afgeleid of simpelweg niet zo sociaal expressief. Dat kan door anderen toch gelezen worden als minachting, trots of desinteresse. De populaire term resting bitch face is geen nette wetenschappelijke term, maar hij laat wel zien dat mensen veel betekenis geven aan neutrale gezichten. Een neutrale of weinig uitnodigende expressie kan al snel worden geïnterpreteerd als iets negatiefs, ook als daar van binnen helemaal geen minachting of hoogmoed achter zit. (PMC)
Dat is belangrijk om te beseffen. Soms is arrogantie dus niet de juiste diagnose, maar een vorm van miscommunicatie.
Wat het effect is op degene die de ander arrogant vindt
Als iemand een ander arrogant noemt, zegt dat vaak ook iets over wat er in diegene geraakt wordt. Misschien is er een poging tot contact geweest die niet beantwoord voelde. Misschien was er openheid, nieuwsgierigheid of kwetsbaarheid, en kwam daar te weinig van terug. Dan kan het voelen alsof de ander zegt: jij doet er niet toe. Dat is pijnlijk. Mensen willen zich gezien voelen. Ze willen niet het gevoel hebben dat ze lager op de ladder staan, of dat hun aanwezigheid er minder toe doet.
Dus als iemand afstandelijk, zelfverzekerd of onaantastbaar overkomt, kan dat makkelijk een reactie oproepen van afwijzing. Dan wordt het oordeel “jij bent arrogant” ook een manier om iets terug te doen. Een manier om de ander weer kleiner te maken, terug te fluiten, of het gevoel van ongelijkheid te corrigeren. Daar zit ook iets groepsmatigs in. Groepen hebben vaak weinig geduld met mensen die zich niet lijken te voegen. Wie te zichtbaar trots is, te zelfstandig oogt, of niet genoeg meedoet aan de ongeschreven regels van wederzijdse geruststelling, kan snel worden ervaren als bedreigend of vervelend.
Echte arrogantie bestaat ook
Tegelijk is het niet zo dat arrogantie alleen maar een misverstand is. Soms is iemand wel degelijk neerbuigend. Soms is er echt sprake van grootheidsgevoel, superioriteit, gebrek aan wederkerigheid of weinig respect voor de ander. Dan is “arrogant” niet alleen een projectie van de omgeving, maar ook een rake waarneming. Dat onderscheid is belangrijk. Anders zouden we iedere kritiek op arrogantie wegpoetsen als jaloezie of onzekerheid van de ander. Zo simpel is het niet.
Er bestaat bovendien verschil tussen gezonde trots en hooghartigheid. Psychologisch onderzoek maakt al langer onderscheid tussen een meer authentieke vorm van trots, die samenhangt met voldoening en groei, en een meer hooghartige vorm van trots, die eerder verbonden is met dominantie, narcisme en arrogantie. (Frontiers)
Wat is arrogantie bij vrouwen, en waarom ligt dat vaak gevoeliger?
Hier wordt het extra interessant. Want niet iedereen loopt hetzelfde risico om als arrogant bestempeld te worden. Onderzoek laat zien dat vrouwen vaker sociale straf krijgen wanneer zij zich uitgesproken, dominant, ambitieus of zeer competent tonen op manieren die cultureel nog steeds sneller met mannen worden geassocieerd. Ze worden dan eerder als onsympathiek, te hard of te veel ervaren. (PubMed) Dat maakt de beschuldiging van arrogantie niet neutraal. Soms zit er ook een sociale correctie in verborgen. Alsof iemand teruggefloten wordt omdat ze te zichtbaar sterk is, te weinig geruststelt, of zich niet klein genoeg maakt. Zeker bij vrouwen kan “arrogant” soms verdacht dicht in de buurt komen van: jij neemt te veel ruimte in.
Dat betekent niet dat iedere vrouw die arrogant genoemd wordt automatisch onterecht beoordeeld wordt. Maar wel dat het verstandig is om alert te zijn op de culturele bril waardoor we kijken.
Wat moet je ermee als iemand jou arrogant vindt?
Dat hangt ervan af. Soms is het waardevolle feedback. Misschien straal je inderdaad weinig warmte uit. Misschien ben je zo bezig met je eigen koers dat de ander zich niet meer gezien voelt. Misschien is er iets in jouw houding wat afstand schept zonder dat je dat wilt. Maar soms zegt het oordeel vooral iets over de ander of over de groep waarin je je bevindt. Niet iedereen kan goed omgaan met autonomie. Niet iedereen vindt het prettig als iemand niet meedoet aan de gebruikelijke vormen van zelfverkleining, bescheidenheid of sociale afstemming. Soms roept jouw stevigheid iets op wat een ander moeilijk kan verdragen.
Dan is de kunst waarschijnlijk niet om je meteen weer kleiner te maken. Niet om je kracht in te leveren omdat iemand daar ongemak van krijgt. Maar ook niet om je volledig terug te trekken in trots of afstand. Misschien zit de mooiste weg ergens ertussenin. Dat je blijft staan voor wie je bent, voor wat je kunt, voor wat je belangrijk vindt. Dat je je niet direct laat temmen door het verwijt dat je arrogant zou zijn. Maar dat je daarnaast ook menselijkheid laat zien. Warmte. Kwetsbaarheid. Een beetje contactbereidheid. Soms een compliment. Soms een vraag. Soms laten merken: ik sta op mijn eigen plek, maar ik zie jou ook.
Wat is arrogantie eigenlijk?
Misschien is dit wel het eerlijkste antwoord: arrogantie is niet altijd hetzelfde. Soms is het echte hoogmoed. Soms is het gekwetste waarneming. Soms is het een reactie op ongelijkwaardigheid. Soms is het een misverstand rond uitstraling. En soms is het gewoon de naam die een groep geeft aan iemand die zich minder laat vormen door groepsdruk dan gebruikelijk. Dat maakt het woord meteen een stuk minder simpel.
Misschien is arrogantie daarom niet alleen iets wat we in de ander moeten aanwijzen, maar ook iets waar we nieuwsgierig naar mogen worden. Wat zie ik eigenlijk in die ander? Wat voel ik daarbij? Voel ik me afgewezen, kleiner gemaakt, niet nodig? Of heb ik moeite met iemand die zijn of haar eigen ruimte inneemt? En als ik zelf arrogant genoemd word, is de vraag misschien niet meteen of het waar is, maar wat er precies botst. Zit er afstand in mijn houding? Zit er projectie in de blik van de ander? Of raakt hier iets aan de oude spanning tussen autonomie en erbij horen? Juist daar wordt het interessant. Niet in het snelle oordeel, maar in wat eronder zit.