Schaamte en vervreemding zijn allebei gevoelens die diep kunnen gaan. Ze kunnen je echt raken en allebei kunnen ze behoorlijk pijnlijk zijn. Toch zijn ze niet hetzelfde. Het verschil tussen schaamte en vervreemding zit vooral hierin: schaamte gaat vaak over de angst om verbinding te verliezen, terwijl vervreemding meer gaat over het gevoel dat die verbinding al verloren is gegaan.

Dat verschil lijkt klein, maar het maakt veel uit.

Wat is schaamte?

Schaamte kennen we waarschijnlijk allemaal. Het is dat gevoel dat je kunt krijgen als je iets onhandigs hebt gedaan en denkt: shit, nu hebben anderen gezien hoe stom ik was.

Dat is de gewone, dagelijkse schaamte. Ongemakkelijk, maar ook menselijk. Schaamte hoort bij sociale dieren. Wij willen ergens bij horen. We willen geaccepteerd worden, gezien worden, niet uit de groep vallen.

Schaamte is het gevoel dat opkomt wanneer die acceptatie bedreigd voelt. Alsof er een stemmetje in je hoofd zegt:

Doe maar normaal.
Verberg dit maar.
Pas je aan.
Maak jezelf kleiner.
Of juist groter.
Zorg dat ze je niet afwijzen.

Schaamte probeert je dus ergens voor te behoeden. Het wil voorkomen dat je buiten de groep valt. In die zin heeft schaamte eigenlijk goede bedoelingen. Het probeert de verbinding met anderen in stand te houden.

Maar schaamte kan ook doorschieten. Zeker wanneer je vaak bent afgewezen, buitengesloten, bespot of niet goed begrepen, kan schaamte veel te sterk worden. Dan gaat het niet meer alleen over een ongemakkelijk moment. Dan kan schaamte een diepere overtuiging worden: er is iets mis met mij.

Chronische schaamte gaat dan niet meer over wat je hebt gedaan, maar over wie je bent. Het gevoel wordt: als anderen mij echt zouden kennen, zouden ze mij niet accepteren.

Schaamte wil verbinding behouden

Het bijzondere aan schaamte is dat het, hoe naar het ook voelt, nog steeds gericht is op verbinding. Je schaamt je omdat het je iets uitmaakt wat anderen van je vinden. Je schaamt je omdat je erbij wilt horen. Je schaamt je omdat je niet afgewezen wilt worden.

Schaamte zegt eigenlijk:

Pas je aan, dan blijf je veilig.
Verberg dit, dan hoor je er nog bij.
Laat niet alles van jezelf zien, dan behoud je de verbinding.

Dat kan heel beperkend worden. Als je te veel naar schaamte luistert, ga je jezelf inhouden. Je gaat maskeren. Je gaat opletten hoe je overkomt. Je gaat misschien delen van jezelf verbergen, omdat je bang bent dat die niet welkom zijn.

En als je dat lang genoeg doet, kan er iets anders ontstaan: vervreemding.

Wat is vervreemding?

Vervreemding gaat een stap verder dan schaamte. Bij schaamte ben je nog bezig met de vraag: hoe kan ik de verbinding behouden? Bij vervreemding voelt het alsof die verbinding er toch niet meer is.

Je hebt misschien te vaak geprobeerd om erbij te horen. Te vaak verlangd naar herkenning. Te vaak gehoopt dat iemand je echt zou begrijpen. Maar als die verbinding niet komt, of niet op de manier die jij nodig hebt, kan dat op een gegeven moment te pijnlijk worden. Dan kan je systeem besluiten: ik stop met proberen.

Je richt je dan niet meer op de gelijkenissen tussen jou en anderen. Niet meer op gedeelde menselijkheid. Niet meer op herkenning. Niet meer op het verlangen om erbij te horen. Je laat dat verlangen tijdelijk los, omdat het te veel pijn doet, en dat is vervreemding.

Vervreemding voelt als afstand. Afstand tussen jou en andere mensen. Soms ook afstand tussen jou en jezelf. Je kunt het gevoel krijgen dat je anders bent, dat je niet echt meedoet, dat je naar de wereld kijkt vanachter glas.

Vervreemding als tijdelijke opluchting

Vervreemding klinkt negatief, en dat is het vaak ook. Maar het kan in eerste instantie ook opluchting geven.

Als je jarenlang hebt geprobeerd om verbinding te krijgen, maar dat lukte niet, dan kan het rustig voelen om die strijd op te geven. Niet meer hopen. Niet meer proberen. Niet meer steeds voelen wat je mist.

Je bent dan tijdelijk verlost van de schaamte. Want als je niet meer probeert erbij te horen, hoef je je ook minder druk te maken over wat anderen van je vinden. Dan hoef je jezelf niet steeds te corrigeren. Je hoeft niet voortdurend te denken: ben ik wel goed genoeg, pas ik wel, doe ik het wel goed?

Dat kan rust geven, maar het is een eenzame rust. Mensen hebben verbinding nodig. We kunnen onszelf wel beschermen door afstand te nemen, maar uiteindelijk blijft er vaak toch iets verlangen naar contact, herkenning en nabijheid.

Vervreemding van jezelf

Vervreemding gaat niet alleen over de afstand tot andere mensen. Je kunt ook vervreemd raken van jezelf.

Dat kan juist gebeuren wanneer je je lang hebt aangepast vanuit schaamte. Als je steeds denkt: dit mag ik niet voelen, dit mag ik niet laten zien, dit stukje van mij is niet welkom, dan raak je langzaam het contact kwijt met wat je zelf voelt, wilt en nodig hebt.

Je past je aan om de verbinding met anderen te behouden, maar ondertussen verlies je de verbinding met jezelf.

En op een gegeven moment werkt dat niet meer. Je kunt jezelf niet eindeloos wegdrukken. Je kunt niet oneindig maskeren. Je kunt niet blijven proberen om iemand te zijn die voor anderen acceptabel is, als je jezelf daardoor kwijtraakt.

Dan kan vervreemding ontstaan: van anderen, maar ook van je eigen gevoel.

Vervreemding als harde reset

Toch kan vervreemding ook een functie hebben.

Juist omdat je in vervreemding even loskomt van de oude patronen, kan er iets nieuws ontstaan. Je kijkt niet meer op dezelfde manier naar jezelf, naar anderen en naar je leven. Alles voelt anders, maar daardoor kun je soms ook nieuwe verbanden zien.

Je kunt patronen herkennen die je eerder niet zag. Je kunt gaan begrijpen hoe lang je jezelf hebt aangepast. Je kunt merken welke delen van jezelf je bent kwijtgeraakt. Je kunt jezelf opnieuw gaan uitvinden.

In die zin kan vervreemding werken als een soort harde reset. Niet omdat het fijn is. Niet omdat je erin moet blijven. Maar omdat het soms ruimte maakt om jezelf op een andere manier terug te vinden.

Terug naar verbinding

Na een periode van vervreemding ontstaat vaak toch weer het verlangen naar verbinding. Niet per se naar de oude verbinding, waarin je jezelf moest aanpassen, maar naar een nieuwe vorm van verbinding.

Een verbinding waarin je jezelf meer mee mag nemen. Waarin je niet alleen probeert erbij te horen, maar ook trouw probeert te blijven aan jezelf.

Alleen kom je dan vaak opnieuw langs schaamte. Zodra je weer richting verbinding beweegt, kan schaamte weer opduiken als een soort toegangspoort. Ineens maakt het je weer uit wat anderen vinden. Ineens kun je weer sociale angst voelen. Ineens komt de vraag terug: mag ik wel meedoen? Ben ik wel goed genoeg? Word ik wel geaccepteerd als ik mezelf laat zien?

Dat hoeft niet te betekenen dat je achteruitgaat. Het kan juist betekenen dat je weer uit de vervreemding komt. Dat je weer contact maakt. Dat verbinding weer belangrijk voor je wordt.

Schaamte kan dan pijnlijk zijn, maar ook een teken dat je weer in beweging komt richting anderen.

Het verschil in één zin

Kort gezegd:

Schaamte ontstaat wanneer je bang bent om verbinding te verliezen.
Vervreemding ontstaat wanneer het voelt alsof je die verbinding al verloren hebt.

Schaamte probeert je nog bij de groep te houden. Vervreemding trekt zich terug uit de groep.

Schaamte zegt: pas je aan, dan blijf je erbij. Vervreemding zegt: laat maar, ik hoor er toch niet bij.

Allebei kunnen ze pijnlijk zijn. Allebei kunnen ze je beschermen. En allebei kunnen ze, als je ze beter leert begrijpen, iets laten zien over je verlangen naar verbinding.

Want onder schaamte én vervreemding zit vaak dezelfde diepe behoefte: de behoefte om gezien te worden zoals je werkelijk bent.


Verder lezen?

Hi, I’m Nicole

One Comment

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *